5 zaken die je als auteur kunnen helpen

‘Onbreekbaar’ verschijnt 17 mei bij HarperCollins Holland

Ik zei laatst tegen een vriendin met wie ik over mijn schrijven sprak: ‘ik doe eigenlijk maar wat.’ Eerlijk gezegd schrok ik een beetje van mijn eigen woorden, het klonk zo nonchalant, alsof ik niet heel erg mijn best doe. Alsof ik tijdens een schouderophalen mijn boek had geschreven.

Niets is minder waar. Het is allesbehalve dat. Ik neem het bloedserieus, heb wederom offers gebracht om tot een eind te komen. Avond aan avond zat ik tot middernacht te schrijven. Ik had een missie en was daarin zoals altijd weer perfectionistisch. Ik wil namelijk een boek afleveren waar mijn lezers van elke letter kunnen genieten. Waar ze zich in een andere wereld wanen en nadien opgelucht wakker worden. Opgelucht omdat het niet hen is overkomen, maar slechts verzonnen personages.Ja, dat wil ik bereiken met mijn boek. Mijn missie is geslaagd als het hart van de lezer sneller gaat bonzen, als de lezende ogen vochtig worden en ja, ik vind het een eer als ik hen enkele uurtjes slaap mag ontnemen, gniffel gniffel.

Maar waar kwamen dan die woorden ‘ik doe eigenlijk maar wat’ vandaan? Ik probeerde het te analyseren en toen ik daar zo over lag te mijmeren zei ineens een stemmetje:  ‘Hé psst, misschien heb je toch wel een talent.’ Een voor mij opzienbarende conclusie. Als kind dacht ik namelijk altijd dat ik niet creatief was en al helemáál geen talent bezat. Waar vriendinnetjes goed konden zingen, tekenen of acteren, kon ik eigenlijk alleen maar voetballen, goed leren en vooral lol maken. Je kunt je dus voorstellen hoe ik me voelde tijdens deze ontdekking. Ik deed een dansje in de woonkamer. De hond danste met me mee, een kwispelende staart sloeg de glazen van tafel. Wat gaf het: ik heb een talent!

Maar hoe ga ik dan andere mensen helpen die ook willen schrijven? Hoe kan ik hen verder helpen? dacht ik tijdens het opruimen van de scherven. Als mijn boeken gebaseerd zijn op talent, hoe breng ik  dat dan over? Ik kwam al snel bij de vergelijking in het voetbal: met talent alleen kom je er niet. Talent is misschien 30-40% van belang om te kunnen slagen. Er is veel meer voor nodig. Wie weet is dát stuk dan wel hetgeen ik anderen kan helpen. Ik heb een aantal zaken op een rijtje gezet die je helpen te slagen een goed boek te schrijven:

1) Oefenen

Oefen je helemaal suf. Zorg dat je elke dag schrijft, al is het maar een kwartier. Blijf in de flow. Lees je zinnen terug, zet ze in andere volgordes en spreek ze allemaal hardop uit. Welke klinkt het best? Wat ‘bekt’ lekker? Laat hierin ook je gevoel spreken. Taal heeft een ritme, maar met dezelfde woorden anders neer te zetten, wijzig je dat ritme en kan het misschien net iets lekkerder lezen.

2) Lezen

Ooit had ik de mazzel dat ik een lezing van Kluun mocht bijwonen. Hij had een stukje tekst van mij gelezen en ik vroeg hem of het iets kon worden met mij. Zijn grootste tip was toen: ‘lees vooral heel veel.’ Natuurlijk vond ik dat geen probleem, want dat deed ik immers al. Ik wil jou dit ook meegeven. En dan vooral: Let tijdens het lezen goed op wanneer je een bepaalde emotie voelt en probeer hier bij stil te staan. Analyseer het, wat maakt het nou dat juist nu de angst je om het hart slaat? Hoe is de scene opgebouwd? Welke suggestie wekt de schrijver en hoe doet hij dat?

3) Kritisch zijn naar jezelf

Leg je teksten weg om ze na een tijdje weer op te pakken. Bij mij lukt het om na een week objectief naar mijn teksten te kijken. Hoe loopt het? Overdrijf ik hier? Als ik deze zin weglaat, maakt dat iets uit? Nee? Weg ermee dan. Wees echt kritisch op je teksten, probeer het te lezen als een lezer en als het ook maar enige negatieve emotie (irritatie, verveling enz) oproept, schrap of wijzig het dan. Grote kans immers dat jouw lezer het ook zo ervaart!

4) Doorzetten

Als het nodig is om een zin tien keer te wijzigen: doe dat dan. Ja, dat is veel werk als je dit bij elke zin moet doen. Maar goed, je wilt wat of je wilt het niet. Het woord doorzetten komt pas tot zijn recht als je er even geen zin meer in hebt. Als je uitvluchten zoekt om het niet te doen en liever gaat Netflixen. Juist op die momenten kan doorzetten het verschil maken of je boek goed wordt of niet. Of misschien zelfs wel: of je boek er komt of niet.

5) Plezier hebben

Vergeet vooral niet om plezier te maken. Te genieten van het maken van zinnen, van het vormen van personages en van het bedenken van een (sub)plot. Gniffel bij de gedachte dat je de lezer op een verkeerd spoor zet. Wanneer je plezier hebt, verhoog je je energie en kunnen er mooie ideeën tot je komen.

Met plezier maken wil ik graag afsluiten, want uiteindelijk gaat het zowel bij het lezen als bij het schrijven om entertainment, om ontspanning. En maken we daarmee de wereld niet een klein beetje gezelliger? Ik vind van wel!

3 tips voor het stellen van doelen bij het schrijven van je boek

Foto door Markus Winkler op Pexels.com

Ha! Een nieuw jaar. Dé tijd voor nieuwe voornemens en jij hebt je dit jaar voorgenomen om het boek te schrijven dat al jaren in jouw hoofd rondzingt. We zitten in lockdown, dus de tijd kan niet beter zijn dan nu. Een periode waarin we geen afleidingen hebben van feestjes en andere sociale bezigheden.  Vol energie ga je zitten. Je opent een nieuw document en dan…

Een wit vlak staart je aan. Je begint te twijfelen of je het wel kunt. Pff, een héél boek en je hebt nog precies nul letters op papier. Langzaam voel je de moed wegzakken tot in de punt van je grote teen. Kan ik dit wel?

Ja! Natuurlijk kun jij dit!

Voordat je begint kan het enorm helpen om je einddoel te verdelen in kleinere doelen. Hak het in stukken en je zult zien dat het verlammende gevoel wegtrekt. Het wordt ineens overzichtelijk in je hoofd. Hieronder volgen tips om kleinere doelen te stellen.

1) Aantal woorden

Het boek wordt uiteindelijk het aantal woorden dat jouw verhaal nodig heeft. Grofweg kun je stellen dat 30.000 woorden rond de honderd bladzijden in jouw gedrukte boek gaat worden. Een beetje roman of thriller heeft tussen de 200 en 300 bladzijden, dus met 60.000-90.000 woorden kom je een heel eind. Het aantal woorden mag nooit leidend zijn, maar het geeft je wel een richtlijn. Nogmaals: elk van dit aantal woorden staat in dienst van het verhaal.

Ik ben zelf een cijfertjesdame en vind een aantal woorden als doel stellen erg overzichtelijk. Een doel dat ik mezelf voor het schrijven van mijn nieuwe boek heb gesteld is: Ik schrijf elke dag 500 woorden, minimaal 5 dagen per week. Dit houdt in dat ik 2500 woorden per week schrijf en 10.000 per maand. Voor mij is dit haalbaar naast mijn werk, maar ik kan me voorstellen als je meer tijd tot je beschikking hebt, of je boek eerder klaar wilt hebben dat je dit verhoogt naar 1000 of 1500 woorden per dag.

2) Personen definiëren

Een ander klein doel kan zijn om je hoofdpersoon te definiëren. Ga zitten en besteedt een uur aan een persoon in je boek. Hoe ziet hij eruit? Hoe is zijn gezinssituatie? Hoe oud is hij? Welke hobby’s heeft hij en hoe zou een standaard dag in zijn leven eruit zien? Kan hij met stress omgaan of juist niet? Er zijn zoveel dingen te bedenken over een persoon en hoe meer je er weet, hoe beter je je karakter kunt uitdiepen. Het maakt het schrijven van scènes ook makkelijker, omdat je weet wat dit karakter zou zeggen, doen of denken. Je kent hem alsof je hem zelf gecreëerd hebt 😉

3) Hoofdstuk

De meeste mensen vinden korte hoofdstukken prettiger lezen dan lange hoofdstukken. Zeker bij een thriller kan dit helpen om de vaart in het verhaal te houden. Je herkent vast wel als je zelf een boek leest, dat je telkens weer tegen jezelf zegt: ‘Nog één hoofdstuk en dan stop ik.’ Vervolgens ben je een uur verder en weer meerdere hoofdstukken.

Mijn boek Stilleven bevatte ongeveer 800-1200 woorden per hoofdstuk. Ik kreeg veel reacties van lezers dat ze de korte hoofdstukken erg prettig vonden en dat ze continue bleven doorlezen. Een klein doel kan zijn om elke dag een hoofdstuk te schrijven. Kanttekening hierbij is wel dat het beter is om halverwege een scene te stoppen, op het moment dat je nog in de flow zit en weet hoe het verder gaat. Wat ik altijd doe is steekwoorden opschrijven over het vervolg van de scene. De volgende dag helpt het dan om direct weer in de flow van het schrijven te komen.

Het fijne van het stellen van kleine doelen is dat je telkens successen kunt ervaren die je positief gestemd houden en je energie geven om door te gaan. Voor je het weet ga je over je doelen heen en is je boek veel eerder klaar dan je vantevoren had bedacht!