3 tips voor het stellen van doelen bij het schrijven van je boek

Foto door Markus Winkler op Pexels.com

Ha! Een nieuw jaar. Dé tijd voor nieuwe voornemens en jij hebt je dit jaar voorgenomen om het boek te schrijven dat al jaren in jouw hoofd rondzingt. We zitten in lockdown, dus de tijd kan niet beter zijn dan nu. Een periode waarin we geen afleidingen hebben van feestjes en andere sociale bezigheden.  Vol energie ga je zitten. Je opent een nieuw document en dan…

Een wit vlak staart je aan. Je begint te twijfelen of je het wel kunt. Pff, een héél boek en je hebt nog precies nul letters op papier. Langzaam voel je de moed wegzakken tot in de punt van je grote teen. Kan ik dit wel?

Ja! Natuurlijk kun jij dit!

Voordat je begint kan het enorm helpen om je einddoel te verdelen in kleinere doelen. Hak het in stukken en je zult zien dat het verlammende gevoel wegtrekt. Het wordt ineens overzichtelijk in je hoofd. Hieronder volgen tips om kleinere doelen te stellen.

1) Aantal woorden

Het boek wordt uiteindelijk het aantal woorden dat jouw verhaal nodig heeft. Grofweg kun je stellen dat 30.000 woorden rond de honderd bladzijden in jouw gedrukte boek gaat worden. Een beetje roman of thriller heeft tussen de 200 en 300 bladzijden, dus met 60.000-90.000 woorden kom je een heel eind. Het aantal woorden mag nooit leidend zijn, maar het geeft je wel een richtlijn. Nogmaals: elk van dit aantal woorden staat in dienst van het verhaal.

Ik ben zelf een cijfertjesdame en vind een aantal woorden als doel stellen erg overzichtelijk. Een doel dat ik mezelf voor het schrijven van mijn nieuwe boek heb gesteld is: Ik schrijf elke dag 500 woorden, minimaal 5 dagen per week. Dit houdt in dat ik 2500 woorden per week schrijf en 10.000 per maand. Voor mij is dit haalbaar naast mijn werk, maar ik kan me voorstellen als je meer tijd tot je beschikking hebt, of je boek eerder klaar wilt hebben dat je dit verhoogt naar 1000 of 1500 woorden per dag.

2) Personen definiëren

Een ander klein doel kan zijn om je hoofdpersoon te definiëren. Ga zitten en besteedt een uur aan een persoon in je boek. Hoe ziet hij eruit? Hoe is zijn gezinssituatie? Hoe oud is hij? Welke hobby’s heeft hij en hoe zou een standaard dag in zijn leven eruit zien? Kan hij met stress omgaan of juist niet? Er zijn zoveel dingen te bedenken over een persoon en hoe meer je er weet, hoe beter je je karakter kunt uitdiepen. Het maakt het schrijven van scènes ook makkelijker, omdat je weet wat dit karakter zou zeggen, doen of denken. Je kent hem alsof je hem zelf gecreëerd hebt 😉

3) Hoofdstuk

De meeste mensen vinden korte hoofdstukken prettiger lezen dan lange hoofdstukken. Zeker bij een thriller kan dit helpen om de vaart in het verhaal te houden. Je herkent vast wel als je zelf een boek leest, dat je telkens weer tegen jezelf zegt: ‘Nog één hoofdstuk en dan stop ik.’ Vervolgens ben je een uur verder en weer meerdere hoofdstukken.

Mijn boek Stilleven bevatte ongeveer 800-1200 woorden per hoofdstuk. Ik kreeg veel reacties van lezers dat ze de korte hoofdstukken erg prettig vonden en dat ze continue bleven doorlezen. Een klein doel kan zijn om elke dag een hoofdstuk te schrijven. Kanttekening hierbij is wel dat het beter is om halverwege een scene te stoppen, op het moment dat je nog in de flow zit en weet hoe het verder gaat. Wat ik altijd doe is steekwoorden opschrijven over het vervolg van de scene. De volgende dag helpt het dan om direct weer in de flow van het schrijven te komen.

Het fijne van het stellen van kleine doelen is dat je telkens successen kunt ervaren die je positief gestemd houden en je energie geven om door te gaan. Voor je het weet ga je over je doelen heen en is je boek veel eerder klaar dan je vantevoren had bedacht!